Berlusconi en persvrijheid

In Italië wordt vandaag betoogd voor meer persvrijheid en in bijzonder tegen de almaar grotere macht van Berlusconi. Die beschikt immers over een waar media-imperium waardoor hij in grote mate bepaalt wat er in zijn land gezegd en geschreven kan worden. Hij is onder anderen eigenaar van de grootste uitgever, heeft enkele TV zenders en een heleboel kranten. Door deze machtconcentratie en de politieke ingrepen om zijn onschendbaarheid in het leven te roepen, is Italië vandaag niet veel beter dan een dictatuur. Dat is dan ook de voornaamste reden waarom er meer dan 100 000 mensen in Rome de straat opgaan voor de vrije meningsuiting. En protesteren in een Italiaanse grootstad, daar moet je voldoende gemotiveerd voor zijn, dat stelde ik zelf vast in 2002.

Ik kon dat jaar aan den lijve ondervinden hoe moeilijk het is om in Italië je journalistieke vrijheid te claimen en er onafhankelijk te werken, spreken en vergaderen. In najaar 2002 vond er een Europees Sociaal Forum plaats waar ik voor de Vredesbeweging aan deelnam. De busreis naar Florence liet de Belgische gezanten meteen kennismaken met de ‘charmante’ Italiaanse politie. Iedereen werd aan de grens onmiddellijk uit de bus gehaald en de volledige inboedel werd voor onze voeten op de grond gegooid. Elke passagier moest zijn eigen bagage uitzoeken en er achter gaan staan, iedereen mooi op een rij. Vervolgens werd elke zak grondig doorzocht. De hele inspectie nam meer dan een uur in beslag maar de mannen in groen en beige vonden niks verdachts. Enkel de panelen voor de conferentie wekten extra achterdocht: waarvoor zouden die dienen, vroeg men ons. De uitleg dat we de informatieborden op de conferentie op de stand zouden opstellen nam de argwaan niet helemaal weg. De vrijheid om onze mening te uiten leek al van bij de grens erg scherp onder de loep genomen te worden.

We logeerden in een kraakpand dat ingericht was door de Desobienti, de ‘ongehoorzamen’. De sfeer was er gemoedelijk en gezellig, maar zodra je de straat op ging, werd het onmiddellijk een stuk grimmiger. Betogen in Italië staat bijna gelijk aan oorlog voeren, ik overdrijf niet. Zelfs met vele tienduizenden mensen die eenzelfde mening publiek willen uitspreken, is de spanning te snijden. In elke zijstraat staan dan onveranderlijk dikke kordons met politie in gevechtsuitrusting klaar, men spaart het waterkanon en de wapenstok, soms zelfs de rubberkogels niet. Extreme meningen, die ook nodig zijn in een samenleving, worden in Italië al gauw ongewenste meningen, die met geweld de kop worden ingedrukt. Als het enkel afhangt van Berlusconi, en van zijn succes in de wetgeving naar zijn hand te zetten, zal Italië er zeker niet democratischer op worden de komende jaren.

This entry was posted in Taalvaardigheid. Bookmark the permalink.

Leave a Reply